Politieagent trekt aan de bel

Deel 1 van 3

Het is eind juli 2020 en bloedheet buiten als Dionne luchtig gekleed de praktijkruimte binnenstapt. Haar lange blonde haren hangen sierlijk om haar heen. ‘Wat een mooie verschijning, en dat zonder make-up’, denk ik onwillekeurig. De manier waarop ze haar lichaam beweegt straalt tegelijkertijd wel iets anders uit. Alsof er een flinke last op haar schouders rust.

 ‘Wat kan ik voor je doen?’ vraag ik haar als we even later met een glas koud water zijn gaan zitten.

‘Al meer dan 10 jaar durf ik niet meer auto te rijden op de snelweg. Daarvoor had ik zoveel plezier in autorijden. Ik ben het zo zat om 2 uur te doen over een route van een half uur.’ Ze slaakt een diepe zucht alsof ze haar woorden onderstreept.

‘Wat maakt dat je nú hier bent? Blijkbaar heb je er al heel lang last van. Is er een directe aanleiding?’ vraag ik.

‘Ach’, zegt ze. ‘Ik ben sowieso doodop. Mijn werk als politieagent en ME’er vraagt veel van mij. Ik neem diensten over van collega’s die omvallen, terwijl ik zelf aan mijn eind ben. Ik kan mijn andere collega’s toch niet laten zitten? Zeker nu we steeds opgeroepen worden om naar plekken te gaan waar rellen zijn uitgebroken, zoals pas geleden in Utrecht.’

Ze vervolgt: ‘Twee jaar geleden overleed mijn vader terwijl ik met een collega in de auto code 1000 hoorde op het adres van mijn vader. Meteen wist ik dat hij dood was. Ik mis hem nog steeds. Hij was mijn uitlaatklep. Na afloop van een heftige dienst kon ik altijd bij hem terecht om op adem te komen’. Ze is even stil. ‘Mijn moeder overleed toen ik 16 was’.

‘Je hebt heel wat meegemaakt, Dionne’, zeg ik nadat ze nog een aantal heftige ervaringen die tijdens haar dienst plaatsvonden, deelt.

‘Ja je gaat gewoon door hè, wat moet je anders? Maar ik denk toch wel dat het goed is om mijn rugzak wat te legen. Zo gaat het niet langer.’

Wat een powervrouw, denk ik als ik even later alleen in de praktijkruimte zit. Mijn gedachten gaan terug naar de periode van mijn burnout. Hoe ik altijd dacht dat dit míj nooit zou overkomen. Niets bleek minder waar.

Ik zie mezelf weer zitten bij een coach om mijn eigen rugzak te legen. Ik weet op dat moment dat mijn coach gelijk heeft. Ik moet stoppen met het rennen en vliegen voor een ander. Ik vraag me af of het me ooit zal lukken om beter voor mezelf te zorgen, om ‘nee’ te zeggen als het me teveel is. Sterker nog, dat ik verantwoordelijk ben voor míjn welzijn en niet voor dat van de ander.

‘Ga het maar eens ervaren. Kleine stapjes’, zei mijn coach. Ik herinner me zo goed dat ik trots de keer erop aan mijn coach vertelde dat ik een afspraak met een vriendin had afgezegd, omdat ik behoefte had aan tijd met mezelf. Mijn vriendin reageerde begrijpend: ’Lieverd doe wat klopt voor jou. Ik had me er erg op verheugd, maar we zien elkaar wel een andere keer’.  Wat was ik opgelucht.

In deel 2 maak ik jullie deelgenoot van de EMDR sessie over Dionne’s angst voor autorijden op de snelweg en over de verrassende uitwerking.

Wil je in contact komen? Neem dan gerust contact op via de agenda of bel M 06 13223839.