Mijn man luistert niet

Deel 1 van 2

Het is ruim een maand geleden als ik voor de eerste keer tegen Paul zeg: ‘Als ik jou was dan zou ik naar de fysiotherapeut of chiropractor gaan. Deze klachten gaan niet vanzelf over.’

‘Ik heb dit vaker gehad en ‘t gaat vanzelf wel over,’ mompelt hij.

Uit ervaring weet ik dat pijn aan je elleboog, meestal niet vanzelf overgaat. Ik zet nog een tandje bij en probeer hem ervan te overtuigen dat het belangrijk is om bij de eerste klachten in actie te komen. Hij lacht wat en herhaalt dat hij denkt dat dít vanzelf overgaat. ‘Denk vooral niet dat ik je een zeur vind, want dat is echt niet zo,’ voegt hij eraan toe.

Ik frons mijn wenkbrauwen. Als hij dit het ziet, schiet hij in de lach. ‘Nou ja, misschien heel soms. Maar ik weet dat je vanuit zorgzaamheid spreekt.’

De dagen erna grijpt hij herhaaldelijk naar zijn arm. Nu en dan probeer ik hem er toch van te overtuigen dat het écht belangrijk is om ernaar te laten kijken. Zonder succes.

Nu is Paul iemand die graag zelf doktert. Ik moet bekennen dat zijn aanpak vaak succesvol is. Zoals toen hij gisteren met een Stanley mes een splinter uit zijn duim verwijderde.

Als ik toevallig langsloop terwijl hij het doet, zegt hij enthousiast en vol trots: ‘Het pus schoot eruit.’ Hij wijst naar de andere kant van zijn werkbank. Ik pers mijn lippen op elkaar als ik even later de Betadine zalf aangeef en er een pleister opplak, maar kan het niet laten om te zeggen dat het echt heel onhygiënisch is om een splinter zo te verwijderen.

De volgende dag moet ik erkennen dat zijn duim er veel beter uitziet.

Op internet heeft hij inmiddels tips gevonden voor de aanpak van zijn elleboog. Van vette watten tot en met een zelfbedachte aanpak, het massage-apparaat van onze schoonzoon. Vol overgave experimenteert hij.

Steeds vaker grijpt hij naar zijn arm. Al weken is het me gelukt om er bijna niets meer van te zeggen.

Ik ben opgelucht als hij vertelt dat hij een afspraak bij de chiropractor heeft gemaakt. Die drukt hem op het hart om zijn arm zoveel mogelijk rust te geven en binnenkort terug te komen voor een vervolgbehandeling.

De volgende dag gaat hij meteen weer aan het klussen. De pijn wordt er niet minder op en de vervolgafspraak gaat niet door omdat de chiropractor zijn praktijk moet sluiten in verband met de lockdown.

Als we op een zeker moment even rustig samen zitten, bekent Paul dat hij misschien toch te weinig heeft geluisterd naar mijn advies. ‘Ik dacht dat het zou meevallen. Eerlijk gezegd heb ik jouw bezorgdheid over mijn arm niet zo serieus genomen. Beetje eigenwijs was ik wel,’ zegt hij.  

Ik schiet in de lach en zeg: ‘Klein beetje maar.’